Tennisballen

Tennisballen kunnen binnen de ACT gebruikt worden voor oefeningen en metaforen. Hieronder staan er een aantal uitgelegd.

 

1. De bal van controle

Doel: Inzicht krijgen in het verschil tussen controle en acceptatie.
Uitleg:

  1. Geef een tennisbal aan de deelnemer en vraag hem/haar om de bal zo hard mogelijk in te knijpen.
  2. Vraag: "Hoe voelt het om de bal constant vast te houden? Wat gebeurt er als je je hand niet meer ontspant?"
  3. Laat hen de bal loslaten en benoem het verschil tussen inspanning en ontspanning.
  4. Bespreek hoe we soms te veel controle willen uitoefenen op onze gedachten en gevoelens, wat uitputtend kan zijn.

Transfer:
"In het dagelijks leven proberen we vaak emoties of negatieve gedachten te controleren, net zoals je de bal stevig vasthield. Wat als je de bal even loslaat? Wat gebeurt er dan met je spanning of moeite?"


2. Gedachten jongleren

Doel: Inzicht krijgen in hoe we omgaan met meerdere gedachten of stressfactoren tegelijk.
Uitleg:

  1. Geef de deelnemer één tennisbal en vraag om hem in de lucht te gooien en op te vangen.
  2. Voeg steeds meer ballen toe en laat ze jongleren. Ze zullen merken dat het lastig wordt.
  3. Vraag: "Hoe voelt het om al deze ballen in de lucht te houden? Wat gebeurt er als je één bal laat vallen?"
  4. Reflecteer op hoe we vaak te veel van onszelf vragen door meerdere problemen tegelijk aan te pakken.

Transfer:
"Het is oké om niet alles tegelijk aan te kunnen. Door één gedachte of probleem even te laten liggen, kun je beter omgaan met wat echt belangrijk is."


3. Het gewicht van oordelen

Doel: Het effect van oordelen over jezelf of anderen verminderen.
Uitleg:

  1. Geef de deelnemer een tennisbal en laat hem/haar die voor zich uitgestrekt houden.
  2. Vraag hen om de bal vast te houden terwijl je langzaam vraagt: "Wat zijn dingen waar je jezelf vaak op beoordeelt?"
  3. Laat hen de bal uiteindelijk loslaten en vraag: "Hoe voelt het nu?"
  4. Bespreek dat het oordelen hetzelfde effect heeft als het vasthouden van de bal: het kost energie zonder dat het iets oplost.

Transfer:
"In plaats van jezelf te oordelen, kun je ervoor kiezen om de bal los te laten en energie te richten op wat echt belangrijk is."


4. De waardenbal

Doel: Waarden identificeren en er actie op ondernemen.
Uitleg:

  1. Geef een tennisbal en vraag de deelnemer om erop te schrijven wat echt belangrijk voor hen is (bijv. familie, gezondheid, vrijheid).
  2. Laat hen de bal gooien en opvangen terwijl ze zich voorstellen hoe deze waarde in hun leven vorm krijgt.
  3. Bespreek wat hen tegenhoudt om naar hun waarde te leven (bijvoorbeeld angsten of obstakels).

Transfer:
"Net als het opvangen van de bal, vraagt het leven naar je waarden om aandacht en actie. Hoe kun je deze waarde vaker vasthouden in je dagelijks leven?"


5. Balancing Act (Balans houden)

Doel: Inzicht krijgen in het belang van balans en flexibiliteit.
Uitleg:

  1. Laat de deelnemer een tennisbal op de rug van hun hand balanceren terwijl ze lopen.
  2. Vraag: "Wat gebeurt er als je te veel focust op de bal? En wat gebeurt er als je geen aandacht geeft?"
  3. Benoem dat balans geen perfect evenwicht is, maar een voortdurende aanpassing aan de omstandigheden.

Transfer:
"Balans in het leven draait om flexibel reageren op wat er gebeurt, zonder de focus te verliezen op wat belangrijk is. Hoe kun je vandaag werken aan meer balans?"